Specifieke verhalen vertellen

We spraken producent Rogier Kramer voor Nice People Talking. In 2015 studeerde hij af aan de Nederlandse Filmacademie waar hij tegenwoordig zelf gastlessen geeft aan de productieklassen. Sinds 2019 is hij mede-eigenaar van Dutch Mountain Film, het productiehuis waar hij als junior producer begon. Het beeld dat mensen hebben over producenten verandert gelukkig langzaam volgens Rogier. “Aan studenten geef ik mee: ‘Zie jezelf niet alleen als een zakelijke partner, maar ook als een inhoudelijke sparringpartner die zelf plannen opzet en initieert.’”

Rogiers liefde voor het vak begon op de middelbare school toen zijn oudere broer voor het vak CKV (Culturele Kunstzinnige Vorming) een filmpje moest maken met vrienden. “Ik was op dat moment 12 of 13 jaar en mocht daar aan meehelpen. Dat vond ik ontzettend leuk om te doen en dat wakkerde iets aan in mij. In eerste instantie dacht ik aan het regisseren van films omdat ik nog niet wist wat voor functies er allemaal bestonden binnen film. Later, toen ik me steeds meer ging verdiepen en zelf ook filmpjes ging maken, kwam ik erachter dat ik eigenlijk veel meer bezig was met het organisatorische en zakelijke deel. De juiste mensen bij elkaar brengen was meer mijn ding dan het daadwerkelijk regisseren. Na de middelbare school wilde ik graag naar de Filmacademie, maar besloot ik eerst wat meer ervaring op te willen doen in een andere studie. Ik meldde me daarom aan voor de opleiding Media en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Na een half jaar kwam ik echter achter dat dit veel te theoretisch was voor mij, ik wilde gewoon aan de gang en echt films maken. Ik stopte met de studie en koos voor een oriëntatiejaar bij Open Studio om uit te zoeken wat er allemaal bij komt kijken in een rol als producent. Uiteindelijk studeerde ik in 2015 af aan de Nederlandse Filmacademie.”

Volgens Rogier begint het beeld dat mensen hebben over producenten langzaam te veranderen. “Vroeger heerste vooral de mening dat producenten er zijn voor het geld, dat ze er ook zitten voor het geld, veel geld verdienen en ook óp het geld zitten. Vroeger was dat misschien ook wel meer zo, maar ik heb het idee dat deze ‘angst’ voor producenten tegenwoordig gelukkig wat is afgezwakt. Zelf ben ik namelijk enorm van het vertrouwen, open en eerlijk communiceren over alles. Toch wordt er soms nog wel eens met argusogen gekeken naar producenten, alsof je toch iets zou achterhouden.” Tegenwoordig geeft Rogier zelf gastlessen aan de productieklassen op de Filmacademie. “Aan de studenten geef ik mee dat geld een belangrijk onderdeel is van het produceren, maar alles valt of staat met de inhoudelijke gesprekken die je voert met makers. Zie jezelf niet alleen als een zakelijke partner, maar ook als een inhoudelijke sparringpartner die zelf plannen opzet en initieert.”

Waar ben je naar op zoek als producent? “Ik maak graag fictie en de focus ligt voor mij op auteursprojecten die een bepaalde persoonlijke en of maatschappelijke urgentie hebben, maar die ook een publiek kunnen aanspreken. Daarmee bedoel ik niet een té persoonlijk verhaal waar maar een handjevol mensen heen gaan, maar ik hoef ook niet per se grote commerciële klappers te maken. Ik vind kwaliteit belangrijk en wil daarmee een zo breed mogelijk publiek aanspreken. Daarbij zijn de makers essentieel in de keuze of ik een project wil doen of niet. Ik geloof in langlopende samenwerkingen met makers, daarom probeer ik vaak van een korte film naar een lange film toe te werken en zo verder. Een voorbeeld is de samenwerking met scenarist en regisseur Yim Brakel. We maakten eerst de korte film 'Dagdromen', werken momenteel aan een project in het kader van 'De Straat' en er liggen ook al speelfilm plannen klaar om daarna samen mee verder te gaan.”

Dagdromen

Dagdromen

Scenario en regie: Yim Brakel

“Ook vertel ik graag specifieke verhalen. Zo sta ik bijvoorbeeld voor een betere representatie van de LHBTI-gemeenschap. Ik heb behoefte aan Nederlandse films en series waar personages gay, lesbisch of genderneutraal zijn of waar deze onderwerpen in ieder geval aan bod komen.” Zo heeft Rogier verschillende producties in ontwikkeling. “Eigenlijk zouden we dit jaar gaan draaien voor een korte film over een pleeggezin waarbij de ouders twee vaders zijn. Door corona hebben we de draaiperiode moeten uitstellen naar volgend voorjaar. In die film zien we eigenlijk de laatste ochtend van een normaal gezin van vier, maar waarbij één van de zoons die dag wordt opgehaald door zijn biologische vader.”

“Een ander project in ontwikkeling is een korte film die zich afspeelt tijdens de Dodenherdenking van 1970. De Amsterdamse Jongeren Aktiegroepen Homoseksualiteit heeft toen een aanvraag ingediend om een krans te mogen leggen voor de omgekomen en opgepakte homo’s tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat verzoek is afgewezen en twee jonge mannen besloten daarom het heft in eigen handen te nemen door zelf met krans met een roze driehoek de Dam op te rennen. Zij zijn toen opgepakt. Deze gebeurtenis heeft geleid tot een hoop druk vanuit media en politiek waardoor homo-emancipatie meer aandacht kreeg. Een jaar later mocht er namelijk wel een krans gelegd worden en de behoefte aan een eigen herdenkingsplek leidde in de jaren tachtig tot het Homomonument. Ik kwam erachter dat dit verhaal eigenlijk best onbekend is bij het brede publiek en zelfs ook binnen de gemeenschap zelf. Terwijl het zo’n mooi en heldhaftig verhaal is. Daarbij merk je ook dat er veel draagkracht en urgentie voor is vanuit de maatschappij, er zijn namelijk al veel partners die hebben aangegeven een vertoning te willen faciliteren.”

"En de speelfilm ‘Welcome Home’ is in ontwikkeling. Het is een liefdesdrama over twee Iraakse vluchtelingen, beide man. Eén van de twee is naar Nederland gevlucht en de ander is hem achterna gereisd in de hoop hier samen een relatie te kunnen opbouwen. Om asiel aan te vragen wordt van hen verwacht dat ze zich laten zien en moeten ze bewijzen dat ze gay zijn. Dat is hoe het serieus werkt, je moet bij de IND bewijzen dat je homo bent om hier asiel te kunnen krijgen. Uiteindelijk komen beide mannen er gaandeweg achter dat ze misschien helemaal niet zo goed bij elkaar passen wanneer ze met elkaar zijn.” Hoe worden die producties geïnitieerd? “De korte film over het pleeggezin van twee vaders komt voort uit een idee van mijzelf. Regisseur Jordi Wijnalda heeft dat idee toen omgezet tot een scenario. Ik ben daar als producent heel inhoudelijk bij betrokken. Daarnaast komen schrijvers vaak ook met hun eigen ideeën naar mij toe - zoals voor de korte film over de Dodenherdenking in 1970 en ‘Welcome Home’. Als producent kun je dan samen sparren over de inhoud, meedenken en feedback geven. Maar ook de constructie er omheen bedenken. Je regelt de financiering, brengt de juiste mensen bij elkaar en maakt een bepaalde strategie om de film uit te brengen.”

'One of the Boys' is Rogiers eerste echte zelf geïnitieerde film. “Het idee ontstond tijdens de Filmacademie samen met scenarist Wander Theunis. Ik wilde heel graag een film maken over korfbal of iets wat zich in die arena afspeelt. Het unieke bij korfbal is dat mannen en vrouwen samen sporten, iets wat voor veel drama kan zorgen. Vanuit mijn persoonlijke ervaring en passie voor de sport korfbal raakte Wander en ik verder aan de praat en is dat idee gaan groeien. Na de Filmacademie hebben we het project kunnen oppakken met regisseur Ivo van Aart. 'One of the Boys' vertelt het verhaal van een jongen die helemaal niet zo goed mee kan komen met de lockerroom praatjes van zijn mannelijke medespelers. Vervolgens moeten ze samen met de meisjes gaan trainen en een van die meisjes wordt op een vervelende manier aangesproken en aangeraakt. De jongen komt dan voor het dilemma te staan om mee te doen als one of the boys of om voor het meisje op te komen en het juiste te doen.” De film heeft het goed gedaan op internationale festivals zoals bijvoorbeeld Palm Springs in Amerika. “De film fascineert dus wel ondanks dat de sport korfbal niet echt bekend is onder het grote publiek. Ik denk dat dat ook de kracht is van de film, dat het iets heel eigens heeft maar tegelijkertijd een universeel verhaal vertelt.”

One of the Boys

Regie: Ivo van Aart, Scenario: Wander Theunis

Door de coronacrisis verplaatsen filmfestivals dit jaar (deels) naar een digitale omgeving, zo ook het Nederlands Film Festival van afgelopen september en het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA) in november. “Dat is wel iets waar ik nog even in moet komen. Normaal gesproken is het fijn dat je echt even weg bent van thuis en kantoor zodat je je helemaal kunt focussen op het festival waar je bent. Nu zit je gewoon op kantoor en gebeurt het eigenlijk tussen de dagelijkse zaken door. Ik had er wel meer in willen duiken. Na afloop zet je je scherm uit en sta je niet met elkaar op een borrel waardoor je elkaar misschien op een andere manier spreekt. Dat maakt het gewoon een hele andere ervaring.”

Tijdens het IDFA beleeft de documentaire ‘100UP’ zijn wereldwijde première. In '100UP' bezoekt regisseur Heddy Honigmann zeven wereldburgers van 100 jaar of ouder die nog steeds volop in het leven staan. Iedere geportretteerde vertelt op eigen wijze over geluk in zijn algemeenheid en op hoge leeftijd. Het project loopt al sinds Rogier nog niet eens bij Dutch Mountain Film werkte. “Ik ben echt met dat project meegegroeid. Dat is een bijzondere ervaring geweest en dat is het nog steeds. In plaats van een première met honderden mensen wordt het nu een première met 30 gevulde stoelen. Dat is een behoorlijke domper na jarenlang hard werken door zoveel mensen. Ik hoop dat we ondanks de coronamaatregelen uiteindelijk toch een succesvolle bioscooprelease gaan krijgen, want de film verdient het om gezien te worden. Gelukkig is er al veel animo voor.”

100UP

Regie: Heddy Honigmann, DOP: Adri Schrover

Toch wel de grootste uitdaging van produceren in de huidige coronatijd ligt op de set. “We hebben gelukkig een heel goed protocol die door de sector is opgesteld. De uitwerking van dat protocol is in werkelijkheid soms iets lastiger. Dat zorgt ervoor dat je wel direct moet reageren. Afgelopen maand hebben we een kunstproject gedraaid waar we twee weken lang met 25 man crew op één locatie moesten zijn. Vanwege de intensieve draaiperiode hebben we iedereen toen laten testen. Ook hoor ik van andere producenten en makers om mij heen dat sommige producties toch helemaal stil liggen. Als bijvoorbeeld de cast in quarantaine moet, dan betekent dat dat je productie gewoon stil ligt en niet verder kunt. Dat brengt wel een bepaalde spanning met zich mee.”

Aan ideeën voor de toekomst geen gebrek voor Rogier. “Mijn hoofd zit vol met ideeën, maar mijn ambitie voor de komende jaren ligt wel bij het ontwikkelen van een high-end serie. In eerste instantie voor het Nederlandse publiek maar als dat natuurlijk internationaal bereik kan krijgen is dat super tof.”

Meer verhalen...

  • Rachel Stone (1061)

    Kleur is heel persoonlijk In Nice People Talking spreken we met mensen uit het vak over hun creatieve visie en manier van werken. Rachel Stone is colourist en verantwoordelijk voor het grading...

  • Jasper Quispel (653)

    Een epische F16 serie We spraken editor Jasper Quispel voor ‘Nice People Talking’ over onder andere de unieke F16-serie Hoogvliegers, verschillende disciplines in bewegend beeld, het team achter...

  • Bas Icke (778)

    Ik leer nog iedere dag Voor ‘Nice People Talking’ spraken we editor Bas Icke. Met al 20 jaar ervaring in het vak hebben we het onder andere over projecten als Verliefd op Ibiza, De Beentjes van...

  • Rogier Kramer (304)

    Specifieke verhalen vertellen We spraken producent Rogier Kramer voor Nice People Talking. In 2015 studeerde hij af aan de Nederlandse Filmacademie waar hij tegenwoordig zelf gastlessen geeft aan de...

  • Bobby Boermans (483)

    Trip of a lifetime Bobby Boermans is regisseur van videoclips, commercials, films en series als Mocro Maffia, Nieuwe Buren en Hoogvliegers. We spraken hem voor Nice People Talking. De bottomline van...